Achtergrond Golf boven
Achtergrond Golf onder

Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Altena houdende regels omtrent treasurystatuut Treasurystatuut Altena 2019

Publicatiedatum:
woensdag 16 januari 2019
Originele publicatie downloaden:
Download het PDF bestand
Type bekendmaking:
Overige besluiten van algemene strekking





Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Altena houdende regels omtrent treasurystatuut Treasurystatuut Altena 2019

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Altena,

 

gelezen het voorstel van de Altenacolleges;

 

 

besluit:

 

 

  • 1.

    Vervallen te verklaren

    • Treasurystatuut 2012, vastgesteld door de raad van de voormalige gemeente Aalburg op 26 juni 2012

    • Treasurystatuut 2013, vastgesteld door de raad van de voormalige gemeente Werkendam op 25 juni 2013

    • Treasurystatuut 2012, vastgesteld door de raad van de voormalige gemeente Woudrichem op 27 maart 2012

  • 2.

    Vast te stellen het Treasurystatuut Altena 2019.

 

 

Treasurystatuut Altena 2019

 

1. Algemeen

Artikel 1. Doelstellingen treasuryfunctie

De treasuryfunctie van de gemeente Altena dient tot:

  • a.

    Het verzekeren van een duurzame relatie met de financiële markten om tegen acceptabele condities te financieren;

  • b.

    Het beschermen van vermogens- en (rente-)resultaten tegen ongewenste financiële risico’s zoals renterisico’s, kredietrisico’s en liquiditeitsrisico’s;

  • c.

    Het minimaliseren van de interne verwerkingskosten en externe kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities;

  • d.

    Het optimaliseren van de renteresultaten binnen de kaders van de wet en uitvoeringsregelingen;

  • e.

    Het opzetten en onderhouden van een goede en efficiënte financiële infrastructuur;

  • f.

    Het realiseren van een flexibel en controleerbaar cash management in de organisatie;

  • g.

    Het realiseren van efficiënte en transparante informatiestromen ter ondersteuning van het beleid.

2. Risicobeheer

Artikel 2. Uitgangspunten risicobeheer

Gemeente Altena zal met betrekking tot de treasuryfunctie een defensief en risicomijdend beleid voeren.

Artikel 3. Renterisicobeheer

  • 1.

    De kasgeldlimiet wordt niet overschreden conform de Wet Fido.

  • 2.

    De renterisiconorm wordt niet overschreden conform de Wet Fido.

  • 3.

    Nieuwe leningen worden afgestemd op de bestaande financiële positie en de liquiditeitenplanning.

  • 4.

    De rentetypische looptijd en het renteniveau van de betreffende lening wordt afgestemd op de actuele rentestand en de rentevisie.

  • 5.

    De rentevisie is gebaseerd op interne en externe ontwikkelingen en wordt jaarlijks vastgelegd in de paragraaf financiering van de begroting.

Artikel 4. Koersrisicobeheer

Koersrisico’s worden in de gemeente uitgesloten door uitsluitend leningen op te nemen respectievelijk te verstrekken of te garanderen in euro’s.

Artikel 5. Kredietrisicobeheer

(Tijdelijke) overtollige middelen worden, overeenkomstig artikel 2, eerste lid, van de Wet financiering decentrale overheden, in ’s rijks schatkist aangehouden, er is derhalve geen sprake van kredietrisico.

Artikel 6. Intern liquiditeitsrisicobeheer

  • 1.

    De gemeente Altena beperkt haar interne liquiditeitsrisico’s door haar treasuryactiviteiten te baseren op een korte termijn liquiditeitenplanning (looptijd tot één jaar), alsmede een meerjarige liquiditeitenplanning met een looptijd van minimaal 4 jaar.

  • 2.

    Bij het jaarlijkse opstellen van de begroting wordt de meerjarige liquiditeitenplanning geactualiseerd.

  • 3.

    De treasurer zorgt periodiek voor een actuele korte termijn liquiditeitsprognose en voorziet deze van een advies omtrent de wijze waarop in de financiering hiervan kan worden voorzien.

  • 4.

    Periodiek wordt de kasgeldlimiet bewaakt.

3. Financiering

Artikel 7. Financiering

Bij het aantrekken van financieringen voor een periode van één jaar en langer gelden de volgende uitgangspunten:

  • a.

    Financieringen worden enkel aangetrokken ten behoeve van de realisatie van de organisatie doelstelling.

  • b.

    Het aantrekken van middelen ten einde deze te beleggen is niet toegestaan.

  • c.

    Toegestane instrumenten bij het aantrekken van financieringen zijn daggeldleningen, kasgeldleningen, krediet in rekening courant en onderhandse leningen.

  • d.

    De voorwaarden dienen marktconform te zijn.

  • e.

    Het aantrekken van langlopende leningen geschiedt door offertes aan te vragen bij ten minste twee partijen. Hierbij dient gebruik te worden gemaakt van een recente liquiditeitenplanning en een actuele rentevisie. Gekozen wordt voor de partij waarbij de lening economisch het meest voordelig is.

Artikel 8. Uitzettingen

Bij uitzettingen dient er altijd sprake te zijn van een publieke taak. Dit kan gesplitst worden in uitzettingen welke direct voortvloeien uit de publieke taak en uitzettingen welke indirect voortvloeien uit de publieke taak, dit laatste betreft de invulling van de treasuryfunctie.

Artikel 9. Publieke uitzettingen

Voor uitzettingen en garanties uit hoofde van de publieke taak gelden de volgende specifieke

uitgangspunten en richtlijnen:

  • a.

    De gemeente verstrekt uitsluitend garanties wanneer er sprake is van een publieke taak.

  • b.

    Er mogen geen uitzettingen of garanties verstrekt worden aan (voormalig) personeel of (voormalige) politieke ambtsdragers.

  • c.

    De gemeente verstrekt uitsluitend garanties voor volkshuisvesting wanneer er sprake is van een waarborgfonds en de gemeente als achtervang dient.

  • d.

    De aanvrager van de garantstelling sluit de lening af bij een financiële instelling met minimaal een A-rating of een rating met gelijke strekking. Deze rating moet zijn afgegeven door twee van de volgende erkende ratingbureaus: Moody’s, Standard & Poors of Fitch IBCA.

Artikel 10. Uitzettingen in het kader van de treasuryfunctie

Overtollige middelen dienen conform de Wet Schatkistbankieren te worden uitgezet bij de Nederlandse Staat; eveneens biedt de Wet Schatkistbankieren ruimte aan decentrale overheden om onderling te lenen.

Artikel 11. Relatiebeheer

Gemeente Altena beoogt het realiseren van gunstige of marktconforme condities voor af te nemen financiële diensten. Hierbij gelden de volgende uitgangspunten:

  • a.

    Bankrelaties en hun condities worden eens in de vijf jaar geëvalueerd.

  • b.

    Bankrelaties dienen wat hun kredietwaardigheid betreft minimaal te voldoen aan de eisen die zijn gesteld in artikel 9 lid 4.

  • c.

    Financiële instellingen (kredietinstellingen, beleggingsinstellingen, effecteninstellingen, verzekeraars en pensioenfondsen) dienen onder Nederlands toezicht te vallen, zoals de Nederlandse Bank, conform de Wet Toezicht Kredietwezen.

  • d.

    Tussenpersonen dienen geregistreerd te staan bij de Autoriteit Financiële Markten (AFM) en daarvan een vergunning als makelaar te hebben ontvangen.

4. Kasbeheer

Artikel 12. Geldstromenbeheer

Teneinde de kosten van het geldstromenbeheer te beperken wordt:

  • a.

    Het liquiditeitsgebruik beperkt door de geldstromen op elkaar af te stemmen zodat het gebruik van kredietfaciliteiten wordt beperkt. Hierbij wordt erop toegezien dat de liquiditeitspositie voldoende is om te garanderen dat de verplichtingen tijdig kunnen worden nagekomen;

  • b.

    Het betalingsverkeer zoveel mogelijk uitgevoerd door één bank.

Artikel 13. Saldo- en liquiditeitenbeheer

Voor het saldobeheer en het liquiditeitenbeheer gelden de volgende specifieke richtlijnen:

  • a.

    De gemeente Altena streeft naar concentratie van de overtollige liquiditeiten binnen één rentecompensatiecircuit bij de bank met de gunstigste condities;

  • b.

    Indien er een liquiditeitsbehoefte ontstaat, kan de gemeente kortlopende middelen aantrekken. Hierbij wordt – conform artikel 3 – de kasgeldlimiet niet overschreden;

  • c.

    Toegestane instrumenten bij het aantrekken van kortlopende middelen zijn daggeld, kasgeldleningen, kredietlimiet op rekening-courant en rekening-courant bank.

5. Administratieve organisatie en interne controle (AOIC)

Artikel 14. Uitgangspunten AOIC

In het kader van de treasuryfunctie gelden de volgende algemene uitgangspunten op het gebied van administratieve organisatie en interne controle:

  • a.

    De verantwoordelijkheden en bevoegdheden van treasuryactiviteiten zijn op eenduidige wijze schriftelijk vastgelegd.

  • b.

    Bevoegdheden zijn via delegatie en (onder)mandaat nader schriftelijk vastgelegd.

Bij de uit te voeren treasuryactiviteiten is functiescheiding doorgevoerd met als belangrijkste voorwaarden:

  • a.

    Iedere transactie wordt door minimaal twee functionarissen geautoriseerd (het vier-ogen-principe).

  • b.

    De uitvoering en controle geschieden door afzonderlijke functionarissen.

  • c.

    De uitvoering en registratie in de financiële administratie geschieden door afzonderlijke functionarissen.

  • d.

    Tegenpartijen wordt opdracht gegeven de bevestigingen van iedere transactie te versturen naar de financiële administratie zonder tussenkomst van de personen die bevoegd zijn tot het sluiten van de transacties.

  • e.

    De transacties worden geregistreerd door de functionaris die de transactie heeft afgesloten en gecontroleerd door de functionaris die belast is met de interne controle.

Artikel 15. Verantwoordelijkheden

De verantwoordelijkheden met betrekking tot de treasuryfunctie van gemeente Altena zijn in onderstaande tabel gedefinieerd.

Functie

Verantwoordelijkheden

 

 

College van B&W

  • Vaststellen treasurybeleid.

  • Het uitvoeren van het treasurybeleid (formele verantwoordelijkheid).

  • Het rapporteren aan de Gemeenteraad over de uitvoering van het treasurybeleid.

  • Aanwijzen van de treasurer.

Directie

  • Het uitvoeren van het treasurybeleid.

  • Het rapporteren aan het college van B&W over de uitvoering van het treasurybeleid.

Concern controller

  • Het bewaken van de kwaliteit van de treasuryprocessen.

  • Het opnemen van de controle van de volledigheid en betrouwbaarheid van de informatievoorziening van de treasuryfunctie in het interne controleplan.

Teammanager financieel beheer

  • Het opzetten van administratieve richtlijnen op het gebied van treasury.

  • Het uitvoeren van de aan haar / hem gemandateerde treasuryactiviteiten conform het Treasurystatuut en de financieringsparagraaf.

  • Het zorgdragen voor juiste verantwoording van de uitvoering van de door hem / haar gemandateerde treasuryactiviteiten.

  • Het rapporteren aan B&W over de uitvoering van het treasurybeheer.

  • Het afleggen van verantwoording aan het college van B&W.

Teammanagers

  • Het zorgdragen voor het tijdig aanleveren van betrouwbare operationele informatie van goede kwaliteit over toekomstige geldstromen van de betreffende afdeling aan het team financieel beheer.

Treasurer

  • Het voorbereiden van beleidsvoorstellen op het gebied van treasury.

  • Het rapporteren over de treasuryactiviteiten in het kader van de P&C-cyclus.

  • Het opstellen van de rentevisie.

  • Het adviseren van de teams over de financiële gevolgen van hun activiteiten en projecten.

  • Het aantrekken en uitzetten van gelden voor de lange termijn en in het kader van het saldo- en liquiditeitenbeheer.

  • Het onderhouden van contacten met (huis)bankiers, geldmakelaars en overige financiële instellingen.

  • Het afsluiten van financiële contracten voortvloeiend uit bovenstaande deelfuncties.

  • Het verzamelen van de financiële gevolgen voor de liquiditeitsplanning.

  • Het adviseren van de teammanager financieel beheer bij het aantrekken en uitzetten van gelden en het afsluiten van financiële contracten.

  • Het geven van opdracht tot overboeken van saldi tussen bankrekeningen.

  • Het ondersteunen bij de afhandeling van het contante en girale betalingsverkeer.

  • Het ontvangen van de orderbevestiging van derden en het controleren of deze overeenkomt met de transactie-informatie.

Financiële administratie

  • Juist en volledig administreren van de bezittingen, schulden, inkomsten, uitgaven, ontvangsten en betalingen.

  • Het afhandelen van het contante en girale betalingsverkeer.

  • Het overboeken van saldi tussen bankrekeningen.

Externe accountant

  • Het in het kader van haar reguliere controletaak adviseren en controleren omtrent de feitelijke naleving van het Treasurystatuut.

Artikel 16. Bevoegdheden

In onderstaande tabel staan bevoegdheden met betrekking tot treasury activiteiten weergegeven alsmede de daarbij benodigde fiattering. De teammanager financieel beheer wordt bij verhindering of ontstentenis vervangen door de teammanager financieel advies.

 

Bevoegd functionaris

(1 e handtekening)

Autorisatie door

(2 e handtekening)

Saldo-, liquiditeiten- en geldstromenbeheer

 

 

Het uitzetten van geld via daggeld, deposito

en spaarrekening

Treasurer

 

Teammanager Financieel Beheer

Het aantrekken van geld via daggeld of kasgeld

Treasurer

Teammanager Financieel Beheer

Betalingsopdrachten voorbereiden en versturen

Administrateur

Teammanager Financieel Beheer

 

 

 

Bankrelatiebeheer

 

 

Bankrekeningen openen/sluiten/wijzigen

Teammanager Financieel Beheer

Directie

Bankcondities en tarieven afspreken

Teammanager Financieel Beheer

Directie

 

 

 

Financiering en uitzetting

 

 

Het afsluiten van kredietfaciliteiten

Teammanager Financieel Beheer

Directie

Het aantrekken van gelden via langlopende of onderhandse leningen zoals vastgelegd in de treasuryparagraaf

Treasurer

Teammanager Financieel Beheer

Het uitzetten van gelden zoals

vastgelegd in de treasuryparagraaf

Teammanager Financieel Beheer

 

Directie

Het verstrekken van leningen aan derden tot

€ 50.000

Directie

 

B&W

Het verstrekken van leningen aan derden groter dan € 50.000

B&W

Gemeenteraad

Het garanderen van gelden tot € 50.000

Directie

B&W

Het garanderen van gelden groter dan € 50.000

B&W

Gemeenteraad

Artikel 17. Informatievoorziening

Bij de begroting en bij de jaarrekening informeert de gemeenteraad de organisatie en externen omtrent het treasurybeleid en treasurybeheer via de paragraaf Financiering.

Informatie

Informatieverstrekker

Informatieontvanger

  • 1.

    Gegevens m.b.t. toekomstige uitgaven en ontvangsten voor de liquiditeitenplanning

Teammanagers

Treasurer

  • 2.

    Liquiditeitenplanning

Treasurer

Teammanager financieel beheer

  • 3.

    Beleidsplannen treasury in treasuryparagraaf van begroting

B&W

Gemeenteraad

  • 4.

    Evaluatie treasuryactiviteiten in treasuryparagraaf van jaarrekening

B&W

Gemeenteraad

  • 5.

    Informatie aan derden (toezichthouder en CBS) zoals genoemd in art. 8 Wet Fido

B&W

Derden

Artikel 18. Inwerkingtreding

Het Treasurystatuut treedt in werking op de dag na bekendmaking.

Artikel 19. Hardheidsclausule

Bij bijzondere problemen of onbillijkheden in de uitvoering kan het college van B&W afwijken van het bepaalde in dit Treasurystatuut.

Artikel 20. Citeertitel

Dit statuut kan worden aangehaald onder de naam Treasurystatuut Altena 2019.

Vastgesteld in de vergadering van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Altena van 10 januari 2019.

De secretaris,

drs. A.J.E. van der Werf-Bramer

de voorzitter,

M.A. Fränzel MSc 

Bijlage. Begrippenkader

Begrip

Definitie

 

 

Begrotingstotaal

Totale lasten op de begroting.

Daggeldlening

Opgenomen of uitgezette middelen voor onbepaalde tijd die dagelijks gewijzigd kunnen worden.

Deposito

Geldbedrag dat aan een financiële instelling wordt toevertrouwd voor een bepaalde periode tegen een bepaalde rentevergoeding. Gedurende de afgesproken periode kan niet vrij over dat geld worden beschikt.

Financiering

Dit omvat het aantrekken van de benodigde financiële middelen voor een periode van minimaal één jaar. Deze middelen kunnen bestaan uit zowel eigen vermogen als vaste schulden.

Garantie

Waarborg, zekerheid.

Geldstromenbeheer

Al die activiteiten die nodig zijn om liquiditeiten te transfereren zowel binnen de organisatie zelf als tussen de organisatie en derden (betalingsverkeer).

Intern liquiditeitsrisico

De risico’s van mogelijke wijzigingen in de liquiditeitenplanning en meerjaren investeringsplanning waardoor financiële resultaten kunnen afwijken van de verwachtingen.

Kasgeldlening

Niet verhandelbare leningen voor een vast bedrag en voor een vaste periode (van maximaal twee jaar) tegen een vooraf overeengekomen rentepercentage.

Kasgeldlimiet

De kasgeldlimiet begrenst de omvang van de korte financiering (korter dan een jaar) tot een percentage van het begrotingstotaal bij aanvang van het jaar.

Koersrisico

Het risico dat de financiële activa van de organisatie in waarde verminderen door negatieve koersontwikkelingen.

Kredietrisico

Het risico op een waardedaling van een vordering ten gevolge van het niet (tijdig) na kunnen komen van de verplichtingen door de tegenpartij als gevolg van insolventie of deficit.

Liquiditeitenbeheer

Het financieren en uitzetten van financiële middelen voor een periode tot één jaar.

Liquiditeitenplanning

Een gestructureerd overzicht van de toekomstige inkomsten en uitgaven ingedeeld per tijdseenheid.

Onderhandse leningen

Leningen waarbij de geldgever (aanbieder) en de geldnemer (vrager) rechtstreeks met elkaar onderhandelen over de voorwaarden van een krediet.

Rating

De inschatting van de kans op eventuele wanbetalingen bij toekomstige rente- en aflossingsbetalingen op schuldpapier.

Rekening courant krediet

Een rekening bij een bank waarbij een onderneming ‘rood’ mag staan. De rekening courant met kredietfaciliteit is een doorlopend krediet die een onderneming kan gebruiken voor de dagelijkse betalingen. Als vergoeding voor het krediet betaalt de onderneming rente aan de bank.

Relatiebeheer

Omvat het onderhouden van relaties met instellingen waarmee in het kader van de uitvoering van het treasurybeleid contacten worden onderhouden.

Renterisico op de vaste schuld

Mate waarin het saldo van rentelasten en rentebaten van het openbaar lichaam verandert door wijzigingen in het rentepercentage op leningen en uitzettingen met een oorspronkelijke rentetypische looptijd van één jaar of langer.

Renterisiconorm

Het bedrag ter grootte van een percentage van het totaal van de vaste schuld van het openbaar lichaam bij aanvang van het jaar.

Rentetypische looptijd

Het tijdsinterval gedurende de looptijd van een geldlening, waarin op basis van de lening voorwaarden van de geldlening sprake is van een door de verstrekker van de geldlening niet beïnvloedbare constante rentevergoeding (Wet Fido artikel 1, lid c).

Rentevisie

Toekomstverwachting over de renteontwikkeling.

Saldobeheer

Het beheer van de dagelijkse saldi op de rekeningen.

Treasuryfunctie

De treasuryfunctie omvat alle activiteiten die zich richten op het besturen en beheersen van, het verantwoorden over en het toezicht houden op de financiële vermogenswaarden, de financiële stromen, de financiële posities en de hieraan verbonden risico’s. De treasuryfunctie bestaat uit vier deelfuncties: risicobeheer, financiering, kasbeheer en debiteuren- en crediteurenbeheer.

Treasurer

De daartoe door het college van B&W aangewezen functionaris die verantwoordelijk is voor een continue beschikbaarheid van financiële middelen en de daaraan verbonden kosten en risico’s.

Treasurybeleid

Vastlegging van de uitgangspunten, doelstellingen, richtlijnen en limieten, de organisatorische en administratieve kaders, de informatievoorziening en de administratieve organisatie ter uitvoering van de treasuryfunctie.

Treasuryparagraaf

Het begrotingsonderdeel c.q. rekeningsonderdeel waarin het beleid voor het komende jaar wordt vastgelegd, respectievelijk waarin de verantwoording wordt afgelegd over de realisatie van het voorgenomen beleid.

Treasurystatuut

Het document waarin de beleidsmatige infrastructuur voor de uitvoering van de treasury is vastgelegd.

Uitzetting

Het tijdelijk toevertrouwen van liquiditeiten aan derden tegen vooraf overeengekomen condities en bedingen. Kortlopende uitzettingen hebben betrekking op een periode tot één jaar, langlopende uitzettingen hebben betrekking op een periode van één jaar of langer.

Vaste schuld

Het gezamenlijke bedrag van:

 

1. de schuld uit hoofde van geldleningen met een oorspronkelijke rentetypische looptijd van één jaar of langer, en

 

2. de voor een termijn van één jaar of langer ontvangen waarborgsommen.

Vier-ogen principe

Het principe dat minimaal twee functionarissen zijn betrokken bij het afsluiten van een transactie.

 

 

Wet Fido

Wet financiering decentrale overheden.

Wet Ruddo

Wet Regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden. Ministeriële regeling die het algemeen kader biedt voor transacties in uitzettingen en derivaten.